Boekrecensie: Gids voor startende leiders. Ontwikkel je persoonlijk leiderschap (van Nierop)

Aanknopingspunten om jezelf en anderen verder te ontwikkelen
Recensent: Bert Peene, freelance docent en journalist voor o.a. Managementboek Magazine, het VO-magazine en de nieuwsbrief van de VO-academie
Ben je blij met je werk als leidinggevende of ben je nog zoekend? Die vraag staat centraal in ‘Ik ben (niet) gemaakt om leiding te geven’ (2026) van Kirsten de Roo, een ‘realitycheck voor iedereen die carrière wil maken’. Nu vermoed ik dat veel leidinggevenden, ook in het onderwijs, tot die laatste categorie zullen behoren: die van de zoekers. Want in een dynamische sector als het (voortgezet) onderwijs is het vinden van een bevredigend antwoord op de vraag wat ‘goed werk’ is, een uitdaging die iedere dag terugkeert. Voor onderwijsprofessionals in het algemeen, maar evenzeer voor teamleiders en andere middenkaderfunctionarissen. En zeker voor wie nog maar kortgeleden in een leidinggevende rol of functie is gestapt.
Nu wil het geval dat er recentelijk een aantal boeken verschenen zijn die met name voor die laatste doelgroep zijn bedoeld. Behalve de ‘realitycheck’ van Kirsten de Roo is dat de ‘Survivalgids voor leiders. Hoe deal je met je eerste honderd dagen?’ (2025) van Manon Ketz en de ‘Gids voor startende leiders. Ontwikkel je persoonlijk leiderschap’ (2026) van Catherine van Nierop. Wel allebei met een andere focus. Waar Ketz haar lezers – startende leidinggevenden dus – wil helpen een eigen leiderschapspad te ontwerpen waarmee hij (of zij) de eerste vijftien weken succesvol kan doorlopen, belooft Van Nierop een compacte gids die je niet vertelt wat je moet doen, maar je helpt om te ontdekken wat voor leider jij wilt zijn. En dat is zeker zo belangrijk als boeken van het type leidinggeven-doe-je-zo, want je kunt pas leidinggeven aan anderen als je ook leiding kunt geven aan jezelf.
Persoonlijk leiderschap betekent volgens Van Nierop dat je bewust bezig bent met het ontwikkelen van jezelf en verantwoordelijkheid neemt voor je gedrag, keuzes en handelen, zodat je authentieker en effectiever functioneert. Dat je dus niet, als het even tegenzit, de schuld bij anderen legt maar je allereerst afvraagt: wat had ik anders kunnen doen? Daarvoor heb je geduld, compassie en anderen nodig. Geduld (en tijd) omdat je anders gedragen dat nu eenmaal vraagt. Je hebt oefentijd nodig om jezelf nieuwe gewoontes aan te leren. Compassie wil zeggen dat je jezelf toestaat te vallen en weer op te staan en anderen heb je nodig omdat je zonder een spiegel en gerichte feedback niet tot ontwikkeling komt.
Van Nierops boek heeft een consistente, duidelijke opbouw. Het eerste deel, ‘Leidinggeven aan jezelf’, gaat over persoonlijk en systemisch leiderschap. Ze legt daarin uit wat persoonlijk leiderschap is, hoe je het ontwikkelt en versterkt en hoe je familiegeschiedenis doorwerkt in je leiderschap van vandaag. Deel 2, ‘Leidinggeven aan de ander’, richt zich op het benutten van alle wijsheid en talenten die in je team aanwezig zijn. Het laatste deel, ‘Leidinggeven in de huidige tijdgeest’, gaat over twee onderwerpen die de laatste jaren veel aandacht krijgen: Diversiteit, Gelijkwaardigheid en Inclusie (DGI) en psychologische veiligheid. In elk hoofdstuk geeft zij eerst een beknopte inhoudelijke uitleg met praktijkvoorbeelden, daarna volgen reflectievragen en tot slot geeft Van Nierop een groot aantal kijk-, lees- en luistertips voor als je meer over het onderwerp wilt weten.
De vraag is nu of deze auteur er voldoende in geslaagd is weg te blijven van het leidinggeven-doe-je-zo-genre. Eerlijk gezegd betwijfel ik dat. Haar boek biedt nu een beetje Theory U, Deep Democray en generatiemanagement, maar de persoon van de leidinggevende komt er na het eerste deel toch een beetje bekaaid van af. Ik weet dat het niet eerlijk is boeken met elkaar te vergelijken – ieder boek moet op zijn eigen merites worden beoordeeld – maar ik doe het toch. Voor het ontwikkelen van persoonlijk leiderschap biedt de theorie over professionele identiteit van Manon Ruijters een veel rijker kade, ook al omdat daarin de stap die je als professional hebt gezet – van docent naar leidinggevende – wordt meegenomen. Als je niet beseft wat dat met je doet, met je waarden en normen, je kwaliteiten valkuilen, kun je nooit echt succesvol worden in je nieuwe rol. Dus ja, dat zou dan in ieder geval een tip voor aanvullend lezen zijn.
Recensent: Wouter Vellema, hoofd bedrijfsvoering - controller Schoonhovens College, Krimpenerwaard
De samenleving verandert snel en wordt complexer. Er bestaat meer behoefte aan houvast en richting. Hierin ligt een uitdagende rol voor persoonlijk leiderschap. Persoonlijk leiderschap ontwikkelen betekent dat je authentieker en effectiever functioneert, omdat je bewuste (gedrags)keuzes maakt, die passen bij wie je bent en wat je wilt bereiken. Verbinding als tegenkracht in een polariserende wereld.
De theorie is gecombineerd met praktijkverhalen eindigend met reflectievragen, die daadwerkelijk tot denken aanzetten. Vernieuwend is ook de afsluiting per hoofdstuk waarin uitgebreid wordt aangemoedigd boeken ter verdieping te lezen, films te kijken of podcasts te beluisteren. Dat trekt dit boek verder en verbindt actief met de thema’s.
Van Nierop besteedt aandacht aan de verschillende vormen van leiderschap (persoonlijk en systemisch), het effect van de verschillende generaties, die elk op hun eigen manier hun talent inzetten en waarbij iedere generatie anders in de werkbeleving zit. De effectiviteit van individuen en van de organisatie is afhankelijk van gezonde groepsprocessen. Er wordt duidelijk aangegeven dat de beste uitkomst afhankelijk is van de sociale, fysieke en psychologische veiligheid die er binnen de groep heerst. Actueel is de aandacht voor de aspecten rondom DGI (diversiteit, gelijkwaardigheid en inclusie). De leiderschapsuitdaging is om genuanceerder en meer doordacht een gerichte aanpak te kiezen die situationeel maatwerk is. Jezelf bewust zijn van vooroordelen, voorbeeldgedrag en een duidelijke aanspreekcultuur. Er wordt een appèl gedaan op de culturele intelligentie.
Daarnaast breekt Van Nierop een lans voor een waarderend gesprek, waarin de nadruk op kwaliteiten en talenten is gericht in plaats van zich te focussen op datgene wat niet goed gaat. In die zin passend in de huidige transitie van een feedback naar een feedforward gesprek en de heroverweging van het belang van een functioneringsgesprek.
Catherine van Nierop eindigt met “vorm jezelf, vorm je visie”. Dat staat precies voor de essentiële volgorde, want pas nadat je jezelf kent, wat je drijfveren zijn en de visie die na wilt streven, kan je succesvol leiderschap tonen.
Het boek leest makkelijk weg, met zeer toegankelijke zinnen opgebouwd in relevante hoofdstukken. De genoemde voorbeelden nemen je mee in het afwegingsvraagstuk, hoe te handelen en zorgen dat de gewenste gedragsaanpassing echt duidelijk wordt.
Het boek raad ik ook aan voor de niet-startende leider, aangezien er voldoende blinde vlekken worden aangestipt.
Hoewel het boek niet primair voor de onderwijsbranche is geschreven, past het uitstekend in het arsenaal van competenties die een bestuurder of MT-lid moet hebben. De effectiviteit van het docententeam, de standaardvergaderingen, de invloed van groepsvorming binnen diverse gremia, het geven van feedback of het coachen - bemiddelen in het team is universeel. Naast de zeer leesbare thema’s vormen de doorverwijzingen naar de podcasts een toegankelijke mogelijkheid om verdieping te krijgen.
Leidinggeven: een sprong in het diepe
Recensent: Carin Gabriels, afdelingsleider Pieter Zeeman Lyceum, Zierikzee
Dit boek richt zich op startende leidinggevenden als handzame wegwijzer. Want, hoe doe je dat eigenlijk, leidinggeven? En vooral: wat betekent dit voor hoe jij naar jezelf en naar anderen kijkt en hoe kwetsbaar durf jij jezelf op te stellen?
Het boek bouwt leidinggeven op rondom verschillende thema’s:
- Leidinggeven aan jezelf;
- Leidinggeven aan de ander;
- Leidinggeven in de huidige tijdgeest.
Deze thema’s zijn wederom verdeeld in verschillende onderwerpen waar je als leidinggevende mee te maken krijgt, zoals de wijsheid van de groep, generatieverschillen en psychologische veiligheid.
De opbouw per thema is helder; duidelijke theorie voorzien van praktische handvatten, onderbouwd door een uitgewerkte praktijkcasus. Aan het eind van ieder thema volgt een onderdeel ‘aan de slag’. Dit gedeelte bestaat uit reflectievragen en kijk-, lees-, en luistertips over het thema.
Als je leidinggevende wordt, zijn het reflecteren op jezelf, het leren signaleren wat er in de groep speelt (vooral in de onderstroom) en de balans vinden in je eigen normen en waarden en hetgeen je van anderen mag verwachten, belangrijke punten. Dit betekent ook iets voor jouw opstelling in de groep; in hoeverre durf je kwetsbaar te zijn? Dat dit een constant leerproces is dat nooit af is, moge duidelijk zijn.
Dit boek geeft helder en realistisch inzicht in wat de basis is voor goed leiderschap. De tips die gegeven worden om te lezen, te luisteren en te kijken zijn ook erg interessant.
Ik zou dit boek zeker aanraden voor een startende leidinggevende. Echter, mijn advies zou zijn om daarnaast iedere startende leidinggevende een coach te geven; persoonlijk contact om te reflecteren op praktijksituaties en van daaruit te leren, blijft m.i. nog steeds de beste manier om goed te landen als leidinggevende.
Tip: via de VO-academie zijn kosteloos ervaren coaches beschikbaar!

