Frits Hoekstra: 'Je doet het om van betekenis te zijn'

Wie zitten er in de Commissie Code Goed Onderwijsbestuur? En wat is hun motivatie? Deze keer stelt Frits Hoekstra zich voor. Hij is voorzitter bij SCOPE scholengroep.

“Ik werk inmiddels zo’n 38 jaar in het onderwijs, waarvan het grootste deel in leidinggevende functies. Tijdens de lerarenopleiding ontdekte ik dat voor de klas staan – vooral werken met leerlingen die net wat meer begeleiding nodig hadden – me diep raakte. Daar voelde ik: hier kun je van betekenis zijn.
Na mijn eerste jaren als docent ben ik de schoolleiding ingerold. Soms omdat men iemand nodig had, maar ook omdat ik nieuwsgierig was en dacht dat dingen beter konden. Als leidinggevende merkte ik dat ik echt impact kon hebben. Zo groeide ik door naar rector-bestuurder en later naar voorzitter van het College van Bestuur bij SCOPE scholengroep.

De kern van het besturen

Besturen is een prachtig, maar ook ongrijpbaar vak. Je bent verantwoordelijk voor goed onderwijs, voor de mensen die het werk doen, voor een organisatie die iedere dag verschil maakt in de levens van kinderen. Soms mis ik het staan voor de klas. Gelukkig brengt mijn vrouw, die nog elke dag lesgeeft, de praktijk via de keukentafel gewoon thuis binnen.

De kern van besturen zit voor mij in het mogelijk maken dat leraren, schoolleiders en alle andere medewerkers hun werk goed kunnen doen. Dat er een inspirerende omgeving is waarin kinderen kunnen groeien tot vrije, denkende mensen. Onderwijs is wat mij betreft veel meer dan voorbereiden op een baan: het gaat om menswording. Dat vraagt om autonomie, visie en ruimte. En óók om professionaliteit, transparantie en goed bestuur.

De commissie en de code

Daarom zit ik in de commissie Code Goed Onderwijsbestuur. Ik wil bijdragen aan een lerende en transparante sector. De Code geeft richting, een kader waarmee we professionaliteit en toezicht versterken, en waarmee we elkaar scherp houden. Ik breng daarin graag mijn ervaring mee, maar vooral de stem van de bestuurder die iedere dag in de praktijk staat. Wat speelt er op scholen? Wat werkt? Waar lopen mensen tegenaan? De commissie is voor mij een plek om dat gesprek te voeren en de sector verder te helpen.

De Code gebruik ik bij evaluaties, in het gesprek met de raad van toezicht, bij het jaarverslag en bij ingewikkelde afwegingen. Minimaal één keer per jaar checken we onze documenten en werkwijzen opnieuw aan de hand van de Code. Het houdt ons scherp.

Vooruitkijken

Voor de toekomst zie ik een belangrijke opdracht: zorgen dat de Code voor het funderend onderwijs primair en voortgezet onderwijsbestuur verbindt. En tegelijk blijven we alert op thema’s zoals belangenverstrengeling, integriteit en transparantie. Hoe houden we de drempel laag om advies te vragen? Hoe zorgen we dat besturen weten waar ze terechtkunnen als er issues zijn? Het is waardevol dat collega’s ons weten te vinden – soms lost een telefoontje al meer op dan tien documenten.

Uiteindelijk gaat het niet om regels om de regels, maar om professioneel bestuur dat het onderwijs beter maakt. Want daar begon het ooit: bij het gevoel dat je iets kunt betekenen voor kinderen. Dat is wat mij drijft, nog elke dag.”