Bestuurlijke kwaliteit
Het bevoegd gezag van een school draagt zorg voor de kwaliteit van het onderwijs en heeft inzicht waar het goed gaat en welke ontwikkelpunten er zijn. Het bestuur waarborgt dat...


De Onderwijsinspectie ziet erop toe dat de onderwijskwaliteit op scholen voldoende is, of scholen en besturen voldoen aan de wettelijk vastgestelde deugdelijkheidseisen en of hun financiën op orde zijn. Ook houdt de Inspectie toezicht op het stelsel als geheel. Daarmee waarborgen zij het publiek belang. De aanpak en werkwijze die de inspectie hanteert voor uitvoering van deze opdracht staat beschreven in het Onderzoekskader. Voor besturen en scholen die aan de slag willen met schoolontwikkeling en kwaliteitsverbetering, is ondersteuning beschikbaar. De VO-raad overlegt met de Inspectie over de actuele ontwikkelingen in zowel het onderwijs als het toezicht en brengt zijn visie in. Voor scholen en schoolleiders is het van belang dat het toezicht recht doet aan de context van de school, het curriculum en dat er in de verantwoording ruimte is voor het eigen verhaal van de school.
Krijgen alle leerlingen onderwijs van voldoende kwaliteit? Voldoen besturen en scholen aan de wettelijk vastgestelde deugdelijkheidseisen en zijn hun financiën op orde? Het waarborgen van deze aspecten is de opdracht waar de Onderwijsinspectie voor staat.
Scholen in het funderend onderwijs krijgen in de toekomst vaker te maken met een minder tijdsintensief en onaangekondigd bezoek van de inspectie. Ook stapt de inspectie af van de vierjaarlijkse…

Beleg toezicht en handhaving op informeel onderwijs in de strafrechtketen en niet in onderwijswetgeving. Opsporingsonderzoek naar strafbare feiten, zoals haat zaaien en discriminatie is géén opdracht voor de Onderwijsinspectie. Dat…

In het Onderzoekskader staat beschreven hoe de Inspectie invulling geeft aan deze opdracht. Het Onderzoekskader bestaat uit twee delen: een waarderingskader waarin staat wat de Inspectie onderzoekt en een werkwijze waarin staat beschreven hoe de Inspectie het onderzoek inricht. Het Onderzoekskader geeft daarnaast aan hoe de Inspectie tot oordelen en bevindingen komt.
De Inspectie werkt op dit moment met het Onderzoekskader 2021 en stelt dit kader jaarlijks - in technische zin - bij op basis van o.a. gewijzigde wet- en regelgeving. Het Onderzoekskader 2021 is in 2023 ingrijpend - inhoudelijk - vernieuwd met de toevoeging van een aparte standaard voor het aanbod aan basisvaardigheden (OP0). De VO-raad heeft kanttekeningen geplaatst bij deze tussentijdse inhoudelijke aanpassing in het Onderzoekskader 2021, onder meer omdat deze standaard grote overeenkomsten vertoont met de standaard Aanbod (OP1) die toeziet op het gehele aanbod. De Inspectie is bezig met de voorbereidingen van een nieuw Onderzoekskader (2027).
Het eindoordeel ‘voldoende’, ’onvoldoende’ of ‘zeer zwak’ kan alleen door de Inspectie worden toegekend op basis van de deugdelijkheidseisen. Aan het niet voldoen aan eisen die de wet stelt, kunnen rechtsgevolgen worden verbonden.
Het oordeel ‘onvoldoende’ wordt gegeven als besturen of scholen niet voldoen aan een of meerdere van de deugdelijkheidseisen. Zij krijgen een opdracht tot herstel. Het oordeel ‘zeer zwak’ wordt gegeven als de leerresultaten ernstig en langdurig tekortschieten en de school eveneens tekortschiet in de naleving van een of meer (relevante) deugdelijkheidseisen. Aan dit oordeel zijn specifieke en zwaardere rechtsgevolgen verbonden. Ouders moeten worden geïnformeerd en zij moeten bij de verbetermaatregelen worden betrokken. Als de afdeling langer dan een jaar ‘zeer zwak’ is, dan heeft de minister de bevoegdheid om een school te sluiten of de rechten van een opleiding in te trekken. Het bestuur kan bezwaar en beroep aantekenen tegen het oordeel ‘zeer zwak’. Het aantal zeer zwakke afdelingen is de afgelopen jaren sterk afgenomen.
De wet Uitbreiding bestuurlijk instrumentarium geeft de minister meer bevoegdheden om in te grijpen bij besturen en scholen. De wet is met ingang van 1 augustus 2023 in werking getreden. De VO-raad steunt de wens van de minister om in extreme gevallen sneller in te grijpen. Verschillende incidenten hebben die maatschappelijke wens ook gevoed. De strekking van de wet is daarmee begrijpelijk, maar de wet zou ook kunnen leiden tot onzorgvuldig en disproportioneel ingrijpen. De VO-raad blijft pleiten voor terughoudendheid en zal de uitvoering van de wet in de praktijk nauwgezet blijven volgen.
> Wetsvoorstel ‘uitbreiding bestuurlijk instrumentarium’ aangenomen
Daarnaast houdt de Inspectie ook toezicht op het stelsel als geheel. Welke trends ziet de Inspectie en wat zijn kansen en bedreigingen in ons stelsel? Door het houden van thema-onderzoeken tracht de Inspectie hier zicht op te krijgen. In de jaarlijkse Staat van het Onderwijs presenteert de Inspectie haar bevindingen. De afgelopen jaren heeft de Inspectie in de Staat vooral aandacht besteed aan de basisvaardigheden en de burgerschapsopdracht van scholen.
De inspectie maakt bij de uitvoering van haar taak gebruik van diverse instrumenten, interventies en onderzoeken. In het Jaarwerkplan beschrijft de inspectie jaarlijks de voorgenomen aanpak en werkwijze.
De Onderwijsinspectie heeft een repertoire aan onderzoeken op zowel school-, bestuurs- of stelselniveau. De bestuurs- en schoolonderzoeken worden door de eigen inspecteurs uitgevoerd. Voor stelselonderzoeken maakt de Inspectie daarnaast ook gebruik van externe onderzoeksbureaus.

De Onderwijsinspectie hanteert een rekenkundig model om de onderwijsresultaten van een school te berekenen. Het onderwijsresultatenmodel kent vier indicatoren voor het berekenen van de onderwijsresultaten:
Afhankelijk van de leerlingpopulatie van de school kan er een correctie op de norm plaatsvinden, afhankelijk van de hoeveelheid leerlingen met een bepaald kenmerk. De indicatoren onderwijssnelheid onderbouw, onderwijssucces bovenbouw en examencijfers kunnen worden gecorrigeerd voor de leerlingkenmerken apcg, zij-instroom en opstroom.
In juni 2025 heeft de inspectie aangekondigd dat - vooruitlopend op de aanpassing van de regeling ‘Leerresultaten VO’ - sinds dit voorjaar nieuwkomers in het vo de eerste vier jaar dat zij onderwijs volgen niet meetellen in het onderwijsresultatenmodel. Eerder was dit nog de eerste twee jaar. De VO-raad is hier blij mee. In aanloop naar een debat over Onderwijskansen op 26 maart jl. riepen we de Kamer al hiertoe op.
Een herstelopdracht van de Inspectie van het Onderwijs is een formele aanwijzing aan een school of onderwijsinstelling om geconstateerde tekortkomingen in de onderwijskwaliteit binnen een bepaalde termijn te herstellen. Als een school of bestuur een herstelopdracht niet binnen de gestelde termijn uitvoert, kunnen er financiële sancties volgen.
Het bevoegd gezag van een school draagt zorg voor de kwaliteit van het onderwijs en heeft inzicht waar het goed gaat en welke ontwikkelpunten er zijn. Het bestuur waarborgt dat...

De ontwikkeling van scholen staat nooit stil. Maatschappelijke opgaven vragen om aandacht, inzichten uit onderzoek bereiken het onderwijs en de constante aanwas aan nieuwe, jonge mensen en zij-instromers zorgt voor...
